Texel…

We zijn op Texel. Heerlijk. Het waait hard, dus we zijn al uitgewaaid. Ook hebben we al een bezoek gebracht aan Eco Mare. Daar hebben we geleerd over de verschillen tussen de gewone- en de grijze zeehond. We hebben zelfs al nieuwe schoenen voor de jeugd gekocht. En twee nieuwe schriften waarvan één voor in de tas. Mocht ik mooie zinnen opvangen dan kan ik deze daarin kwijt. Van schriftjes kun je nooit genoeg hebben.

Nu zitten we op onze hotelkamer. Er is een tafel en er staan twee stoelen. De tafel is uitklapbaar en op een van die stoelen zit ik rozig en met rode wangen van het juttertje en de harde wind te schrijven.  

Het enige nadeel van een hotelkamer, een weekendje weg en corona is, dat de restaurants niet open zijn en dat het daarom een beetje tobben is om aan je eten te komen. Aangezien meer dan de helft van de familie, ontzettend last van hongerklop heeft is dat wel een ding. We worden chagrijnig tegen elkaar, ongeduldig en het gevaar om ruzie te krijgen ligt dan op de loer. Dit stopt niet eerder dan wanneer iedereen weer gevuld is met een maaltijd. Dus is manlief op zoek naar een snackbar om friet te halen. 

Op dat ene, onhandige aspect van het eten na, is het prima. Vanavond kijken we lekker tv. Morgen om 9.00 uur staat er een ontbijtzakje voor eenieder van ons klaar. Wat wil een mens nog meer? We gaan genieten. Het is goed dat niet alles is zoals je zou willen dat het was, en daarom zijn we, in afwachting van de frietjes, alvast maar begonnen met genieten.